woensdag 08 september 2010
Main Menu
Home
HOGT
Activiteiten
Genealogie
Archeologie
Geschiedkunde
Monumentenzorg
Documentatiecentrum
Links
Andere
Messenvechters in de Brabantse Kempen, het nieuwe boek van Rik Wouters

Drie kwarteeuw geleden had de gemeente Tremelo een naam en faam die de provinciegrenzen van Antwerpen en Brabant ver overschreed. De spotnaam ‘messenvechters’ was van aard om mensen bang te maken, alleen al wanneer ze vernamen dat ze met iemand van Tremelo te doen hadden. Was het dan echt zo prangend? Rik Wouters vroeg het zich al geruime tijd af. Hij vond er een uitgebreid antwoord op, neergeschreven in zijn nieuwste boek Messenvechters in de Brabantse Kempen.
De tijd van horen zeggen mag dan wel voorbij zijn, er werden andere bronnen aangeboord om eindelijk een waarheidsgetrouwe en realistische kijk te krijgen op de vroegere bewoners van de gemeenten tussen Rijmenam en Begijnendijk, met Tremelo als middelpunt, en dit tijdens de periode 1880-1920. Daarvoor heeft de auteur moeten wachten tot halfweg de jaren negentig, wanneer een archief, dat voorheen niet toegankelijk was, op punt gesteld werd. Het betreft de opsluitingdossiers van de hulpgevangenis van Leuven. Een paar duizend dossiers werden stuk voor stuk doorgenomen, en het is opvallend dat de bewoners van de Brabantse Kempen een ruim deel van de inhoud opeisen.
Rik selecteerde meer dan 2.000 namen van gedetineerden, waarvan hij er 600 overhield. Het gaat vooral over vechten met het verboden puntmes (de beruchte pinjèr), maar er wordt ook aandacht besteed aan de vaak ermee samengaande criminele daden zoals bosdelicten, stropen, veldroverij en andere diefstallen die welig tierden. Tremelo kreeg de naam, en volgens de auteur is dat terecht. Maar ook die van Baal, Betekom, Begijnendijk, Werchter, Keerbergen en Haacht lieten zich in de periode niet onbetuigd.

Niet alle personen krijgen evenveel ruimte. Het hangt af van de inhoud van de dossiers, die echter behoorlijk wat spelers bevatten met een strafblad zoals men het zich nauwelijks kan voorstellen. Geen romantisering, alles is rauwe werkelijkheid, een spiegel van het dagelijkse leven rond de eeuwwisseling, met als keerpunt de vestiging van een rijkswachtbrigade te Tremelo… omdat het hoogst nodig was. Het gemeentebestuur heeft er meer dan tien jaar moeten op wachten, ondanks sterke argumenten. In 1899 kwam de rijkswacht in functie, maar de kwade gewoonte zou maar heel geleidelijk gaan liggen. Er moest een wereldoorlog overheen gaan vooraleer de agressiviteit van de bewoners enigszins temperde.
Rik Wouters is hiermee aan zijn dertiende streekboek toe. Het stoelt ditmaal voor 95% op archiefmateriaal. Een waar monnikenwerk ging eraan vooraf. Het resultaat is in verhouding, want met dit prestigieus werk schiep de auteur een kroniek op een manier zoals niemand het hem ooit voordeed. Van elke gedetineerde worden geboortejaar, waar mogelijk volksnaam, naam van de ouders en partner vermeld, met achteraan een alfabetisch namenregister. Zo wordt het ook een waardevol document voor genealogen.
Dit fraai verzorgde boek (240 blz., 100 ill., gebonden in lijnwaad met goudopdruk en stofwikkel) is te koop in de bankkantoren, gemeentehuizen en bibliotheken van Keerbergen en Tremelo. Je kan het ook bestellen via www.tremelore.be of langs de redactie van HOGT.
De prijs bedraagt 38 €. Een echte aanrader!

J.G.

 
Inventaris van het kerkarchief van Wakkerzeel

Zoals vele oude kerkarchieven werd ook dat van Wakkerzeel op de pastorie bewaard. Na het overlijden van de laatste pastoor, Felix Devignat (1966-1995), bleef het archief zonder hoeder achter. Ten slotte werd het in 2002, onder meer na tussenkomst van HAGOK, overgedragen aan het Rijksarchief te Leuven. Zopas publiceerde archivaris en kerkhistoricus Eddy Put de inventaris, die om meerdere redenen merkwaardig is.
Kerkarchieven zijn een eersterangsbron voor al wie begaan is met de lokale geschiedenis. Natuurlijk zijn lang niet alle archiefstukken bewaard, maar dank zij de goede zorgen van pastoors en kerkfabriek hebben flink wat parochies toch een belangrijk deel van dit patrimonium veilig kunnen handhaven. Het hier geïnventariseerde archief omvat 4 strekkende meter, een aanzienlijke lengte voor de op het eerste gezicht bescheiden landelijke parochie die Wakkerzeel vandaag is. De omvang alleen al zegt al iets over de rijkdom van de archief. Die rijkdom komt pas goed tot zijn recht bij het doorbladeren van de inventaris. Oudere inventarissen van lokale kerkarchieven houden het meestal bij erg summiere beschrijvingen van hele bundels bij elkaar horende stukken. Hierdoor blijft een groot deel van deze archieven niet ontsloten. Eddy Put koos bewust voor een gedetailleerde inventaris, waarin de elk stuk een plaats krijgt. Zo wordt o.m. de grote collectie rentebrieven uit het ancien régime in detail beschreven. De inventaris van het Wakkerzeeelse kerkarchief mag daardoor als een toonbeeld in zijn soort worden beschouwd.
Vrij uniek is de mooie verzameling 18de-en 19de-eeuwse preekvoorbereidingen van verschillende pastoors: ook zij worden elk in detail beschreven. Het archief bevat naast stukken betreffende de pastoor en de kerkfabriek, ook bescheiden van de Heilige-Geesttafel, het Sint-Arnoldusbeneficie te Beek, de Sint-Hubertusbroederschap en enkele kleinere broederschappen. Met een nauwkeurige index van plaats- en persoonsnamen.

Put E., Inventaris van het archief van de Sint-Hubertusparochie en van de Tafel van de H.-Geest te Wakkerzeel (1389-1984), Leuven, 2004 (Rijksarchief te Leuven, Inventarissen, 33), 85 p.

B.M. 

 
Het verdronken vliegveld van Keerbergen

Op 13 december verscheen een boek dat zowel de Keerbergenaars, de Hagokers als de luchtvaartliefhebbers kan boeien. Frans Van Humbeek schreef, in samenwerking met de Heemkring De Botermolen, de geschiedenis van het vroegere Keerbergse vliegveld en van Cogea (Compagnie générale d’Exploitation aéronautique).
Waar nu, langs de boorden van een kunstmatig meer, kasten van villa’s prijken, en golfers in weer en wind de clubs hanteren, stegen ooit Spitfires, Pipers en Cessna’s op. “Het kan verkeren” sprak Bredero.

Het nieuwe boek telt 144 pagina’s en liefst 280 foto’s waaronder enkele in vierkleurendruk. Wie €33 + €3 (portkosten) stort op rekeningnr. 652-5701158-65 van Het Streekboek, Nieuwkerken-Waas, krijgt een prachtig in harde kaft gebonden exemplaar toegestuurd. Info : 03/777.75.58.

J.V.

 
Geschiedenis van Herent – Van Prehistorie tot 21ste eeuw

is de titel van een lijvige monografie, die vanaf 7 november 2003 van de drukpers rolde.
De auteur, HAGOK-lid Marcel Piot, heeft in een tijdsspanne van tien jaar zowat alle mogelijke archieven geconsulteerd, en dat is aan het eindresultaat te zien. Geen enkel aspect van de Herentse geschiedenis werd verwaarloosd. Elke periode in de geschiedenis, vanaf de Romeinen tot vandaag, werd diepgaand behandeld, zowel kerkelijk als wereldlijk.
Dit boek is niet enkel voor Herent belangrijk: ook Tildonk, Kelfs, Wijgmaal en het vroegere Oostrem (Bethlehem) komen aan bod. Dochterparochie Tildonk bekwam zijn zelfstandigheid reeds in 1626, Kelfs daarentegen was tot 1845 afhankelijk van Herent (en sedertdien van Wakkerzeel). Wijgmaal scheurde zich af in 1875 onder impuls van de Remyfabrieken. Oostrem echter was een aparte parochie (Sint-Martinus, wsch. hofkerkje uit de 9de eeuw) en behoorde als afhankelijkheid van Sint-Lambertus Heverlee tot het bisdom Luik, dit in tegenstelling met de Onze-Lieve-Vrouwparochie van Herent, die afhing van bisdom Kamerijk. Na de stichting van de priorij van Betlehem in 1407 werd Oostrem door deze geïncorporeerd.
Wereldlijk ressorteerden Kelfs en Wijgmaal onder Herent, tot aan de fusies van gemeenten in 1976; Kelfs ging naar Haacht en Wijgmaal naar Leuven.
De Geschiedenis van Herent is, zoals we in het begin schreven, een lijvig boek geworden (784 blz.!), verluchtigd met niet minder dan 620 illustraties. Uitgever is onze zusterkring, het Genootschap voor Heemkunde van Herent. De druk wordt verzorgd door drukkerij Peeters die ook onze eigenste HOGT aflevert: kwaliteit gegarandeerd dus!

M. Piot, Geschiedenis van Herent – Van Prehistorie tot 21ste eeuw, Herent, 2003, 784 pp., 620 historische illustraties, waarvan één derde in vierkleurendruk. Te verkrijgen door overschrijving van € 60 (+ € 7 portkosten) op rekening 000-3138032-82 van het Genootschap voor Heemkunde van Herent.

J.G.

 
Arenberg in de Lage Landen

Dat is de titel van een in meerdere opzichten bijzonder boek. Het is het derde deel in een reeks over de domeinen van de familie Arenberg, waarvan in 1987 het eerste deel verscheen, over Arenberg in de Eifel. Nadien volgde een deel over het geslacht in Westfalen en Emsland. Toen rijpte de idee om de reeks te vervolledigen met boekdelen gewijd aan de overige gebieden in Europa waar de Arenbergs bezittingen hadden: de Nederlanden, Oostenrijk, Bohemen en Noord-Italië, en Frankrijk. Het overzicht voor de Nederlanden besloot men te verdelen over twee volumes, één over Nederland en Vlaanderen, het tweede, nog te verschijnen, zal de bezittingen in Franstalig België en het groothertogdom Luxemburg onder de loupe nemen.
Voor de eerste keer wordt hiermee een totaaloverzicht gewijd aan één van de belangrijkste adellijke geslachten van Europa, dat een grote rol speelde op zowel de hoogste maatschappelijke echelons als in de vele dorpen en steden in hun domeinen. Om een dergelijke onderneming voor Nederland en Vlaanderen tot een goed einde te brengen, werd een origineel samenwerkingsverband tot stand gebracht tussen niet minder dan 33 auteurs die werkzaam zijn op heel diverse verdiepingen binnen het huis van de gescheidkundige discipline: professoren, archivarissen, lokale historici en leden van geschiedkundige verenigingen. Vooral de betrokkenheid van deze laatste groep is toe te juichen, niet alleen omdat zij de lokale situatie vaak het best kennen, maar ook omdat dit een belangrijke blijk van waardering betekent van het academisch milieu voor het lokale vorsingswerk.
Het boek bevat boeiende hoofdstukken over de geschiedenis van de familie (tot heden) en het beheer van haar bezittingen, haar levensstijl, haar belangstelling voor kunst en wetenschap, en biedt een overzicht en historiek van de archieffondsen van de familie in ons land, verspreid over Brussel, Leuven en Edingen. Het gros van het boek is gewijd aan de bezittingen van de Arenbergs in de Lage Landen. Het hertogdom Aarschot, waarvan de baronie Rotselaar (met Haacht en Werchter-Tremelo) deel uitmaakte, is vertegenwoordigd met twee bijdragen. In een eerste beschrijft ons bestuurslid Bart Minnen de dramatische toestand van het hertogdom Aarschot rond 1600, vlak voor de overgang naar de familie van Arenberg. De Aarschotse kenner Johan Breugelmans schetst in een tweede bijdrage het hertogdom Aarschot onder de Arenbergs (1612-1795).
Bijzonder veel aandacht werd besteed aan typografie, lay-out en illustraties (o.a. over Rotse-laar). De redactie verwent ons met veel nog niet eerder gepubliceerd beeldmateriaal.
'Arenberg in de Lage Landen. Een hoogadellijk huis in Vlaanderen & Nederland' (hoofdredactie: prof. dr. J. Roegiers; redactie: Mark Derez, Marc Nelissen, Jean-Pierre Tytgat en Anne Verbrugge), 255 x 228 mm, 408 p., Amerikaanse stofwikkel, vierkleuren, prijs: € 75, verscheen bij de Universitaire Pers Leuven. Het boek is verkrijgbaar via de boekhandel. Of u kunt het rechtstreeks bestellen bij de Universitaire Pers Leuven, Blijde-Inkomststraat 5, 3000 Leuven, fax: 016-32 53 52; e-mail: Dit e-mail adres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken .

B.M.

 
Design by Joomlateam.com | Powered by Joomlapixel.com |